#weknowitsnotyourislam

Iedere maand ben ik moderator tijdens de serie Gewetensvragen in de Nieuwe Liefde. In januari was de vraag: moet ik publiekelijk afstand nemen van geweld dat in naam van mijn religie wordt gepleegd? Aan tafel onder andere twee moslima die hier over spraken. Dit natuurlijk naar aanleiding van de gebeurtenissen in Parijs en Keulen. We spraken hierover middels een Moreel Beraad, waarin op onderzoekende wijze over een dilemma wordt gesproken. Twee dingen zijn me bijgebleven die avond. Ten eerste werd een vooroordeel weggenomen. Een van de twee moslima droeg een hoofddoek. De ander niet. De gesluierde dame wilde daar iets over kwijt: “Iedereen denkt dat ik strenger in mijn geloof ben dan de dame zonder hoofddoek, maar dat hoeft helemaal niet zo te zijn. Een van de dingen uit het geloof die ik belangrijk vind is de hoofddoek. Maar het kan heel goed zijn dat hoofddoekloze vaker bidt.” Ik betrapte mezelf er op dat ik er ook automatisch vanuit was gegaan dat de dame zonder hoofddoek, dus uiterlijk meer gelijkend op mijzelf, vanzelfsprekend minder streng gelovig was. Een vooroordeel wat ik direct geschrapt heb.

Ten tweede werd er gesproken over de hashtag #notinmyname of #nietmijnislam. Politici riepen moslims op met deze hashtags te twitteren om aan te geven dat zij niet achter de aanslagen stonden. Er werden allerlei argumenten voor en tegen aangedragen. Je hóeft het niet te doen, maar als je het wílt, kan het misschien helpen. Aan het einde van de avond kwam iemand uit het publiek met een fantastische oplossing: Mocht de situatie zich ooit nog voordoen, dan hoeven moslims niet te twitteren. Dan moeten niet-moslims twitteren. Met de hashtag: #weknowitsnotyourislam.

Het lijkt me het uitgelezen moment.
#weknowitsnotyourislam

Reacties zijn gesloten.